Categorie archief: Gedichten

Verwarring..

Verward door gevoelens
dan weer opluchting
of tomeloos verdriet
soms zie je helder
maar ook niet
dan weer energie
zon, levenslust
dan weer leeg
uitgeblust
tranen van geluk
van verdriet
alles opeens duidelijk
soms ook niet
verwarring…

Advertenties

Loslaten…

Loslaten,
je kunt het niet voor een ander doen
Loslaten,
leef je eigen leven, niet dat van een ander
Loslaten,
door vast te houden aan het mooie
Loslaten,
door niet terug te kijken naar wat was
Loslaten,
door vooruit te zien
Loslaten,
door open te staan voor het nieuwe
Loslaten,
door het mooie te herinneren
Loslaten,
door het foute te accepteren
Loslaten,
hou dat vast..

Hé pestertje!….

Jij bent zo cool
met je stoere vrienden
Samen trekken jullie ten strijde
tegen de vermeende zwakke
Je wilt ze laten voelen
hoe stoer en sterk jij bent
jij met je slaafse apostelen
Maar voor jou nu
ligt een dode mens
Geen toekomst meer,
geliefden achterlatend,
intens verdrietig treurend
Kapot gemaakt door jou
jou en jouw stoere volgers
Wees maar trots op jezelf,
heb plezier, leef, ga uit
Je beseft nog niet
dat het voor jou te laat is nu
Want wat je ook doet voortaan,
wat je ook bereikt in honderd jaar,
jij maakte levens kapot,
zonder geweten,
er is geen weg terug meer, klaar
Ik ben niet zoals jij,
ook mensen zoals jij kan ik vergeven
Gemeenheid, haat, ik ken het niet
in tegenstelling tot jou en je stoere vrienden
laat ik mensen leven..

Beleef..

Ziekte, pijn, verdriet
ze zijn er wel, altijd
Maar wandel nu eens buiten
snuif de lentegeuren op
Hoor de vogels nu toch zingen
laat de zon z’n gang eens gaan
Adembenemend mooie kleuren
Beleef intens die vrolijkheid
en besef dan dat je leeft,
Je leeft nu, vandaag
Zorgen even aan de kant,
dat wilde je zo graag

Lentespinsel..

Zonnestralen verdringen
de tranende ochtenddauw
Ontluikende krokussen
die parmantig en vrolijk,
hun trotse kleurenpracht tonen
Een zoet parfum van lentegeuren
dat de koele ochtendlucht vervult
Ontwakende schoonheid, lentekleuren
de einder in nevel gehuld
Blij zingende vogels,
zich nestelend in het zonlicht,
op vers geknopte bomen
Eindelijk is het zover,
laat die lente maar komen..

Geweldenaar…

Jij was dat toch, die geweldenaar
pronkend met je arrogante veren
de allesweter klaar met antwoorden
met oplossingen altijd overal?

Wat is daar van over nu,
zeg eens opschepper
weet je nu het antwoord ook,
heb je de oplossing al klaar
of moet je ook toegeven
dat je gewoon van niets weet?

Moet je gewoon nu net als anderen
afwachten en toezien,
bekennen dat je niets meer bent,
dan een pion, een rommelaar?

Kom dan met je oplossing,
kom dan met je antwoord
wees een vent en zeg het maar..

Voor mijn dochter…

Kleine meisjes worden groot,
Steeds vaker zelfstandig
Wel eens eigenwijs,
Maar steeds vaker ook verstandig
Af en toe verlang ik terug
Naar toen je nog moest leren lopen,
fietsen of een ritje op m’n rug.
Hoe kort lijkt ’t geleden,
dat je kijkend door ’t autoraam,
onderzoekend besliste: de zon is een bolletje..
’s Zondags lopend door t bos in Kamperland,
je kleine knuistje in mijn grote hand,
De zon schijnend op je blonde haren,
zingend, huppelend en volmaakt tevree.,
schelpjes zoeken: “pappa, mooi schelpje?”
ik wil niet meer lopen, ik ben moe!
Kom maar schat ik help je.
Klim maar op m’n rug en kijk!
Bomen, vogels, een konijn!
Als je zo klein bent is ’t leven rijk.
Kleine meisjes worden groot,
Maar soms verlang je terug naar de tijd,
van een onbezorgd leven,
kusjes krijgen, kusjes geven.
Maar we worden samen ouder,
zonder handje, niet meer op op m’n rug
Het leven gaat nou eenmaal verder, er is geen weg terug.
Maar één ding weet ik wel:
1, 8, 18 of 80, wat er ook gebeurt
je bent en blijft mijn kleine “Kel”…

Van mijn dochter…

Weet je wat bijzonder is?
Een vader zoals jij
Die niet denkt aan zichzelf
En wel heel veel aan mij
Ja lieve Papa, de jaren staan niet stil
Ze blijven maar doorgaan, en stoppen niet als jij het wil
We worden ouder, ja allebei
Maar hand in hand, en zij aan zij
En hoe oud ik ook worden mag
Als ik door de jaren ben getekend
Vergeet ik niet hoe het vroeger was
Wat jij voor mij betekent
Maar soms wou ik dat ik toveren kon
Dan zei ik; stop de tijd
Want Papa, dit moet je weten,
Ik blijf altijd jouw “kleine meid”

Tom & Aatje

Tom en Aatje waren onderweg,
Ze ‘rolden’ zoals dat modern heet, deden alles samen.
vertrokken van het boerenland op reis.
Ze reisden per vrachtauto, per spoor en kwamen
spoedig uit in Amsterdam, bij Plusmarkt Jan de Wijs.
Daar begon toen alle pijn,
opgepakt door reuzehanden uit een houten kist,
ruw in een papieren zak belanden,
als oud vuil mee gegrist,
en uiteindelijk op het aanrecht stranden.
Nu begon pas echt de pijn,
een vlijmscherp mes deed hen hevig bloeden,
in grove stukken gesneden, een heel gevecht
Voor de laatste keer elkaar aankijkend
deed ze vermoeden,
dat dit de laatste keer zou zijn.
Met een zachte plons belandden ze in de hete soep,
tussen vlezige ballen en allerhande groentetroep.
Het was over en uit voor het verliefde stel,
nooit meer samen, over en uit hun liefdesspel..

Naakt…

Naakt,
langzaam kruipend
zacht mijn richting uit
tergend langzaam dichterbij
glinsterend vochtig
langzaam maar beslist
geen ontkomen aan
ik ben onmachtig
Naakt ben jij
vol gratie
zelfverzekerd
ongegeneerd
brutaal
haast sluipend
kom jij naar mij
ik adem sneller
wat ben je prachtig
naaktslak….

Nieuw leven..

Daar lig je wijs,
bedekt in wit katoen
Wit mutsje
op dat hoofdje,
daaronder rode oortjes
Kleine handjes,
grijpend in het laken
Verwonderd kijken
donkerbruine oogjes
mij vragend aan
Twee korte beentjes
trappelen zacht
Welkom kleine
op deze wereld
Eindelijk want
je werd verwacht
Jij lacht
Ik huil,
van geluk…

Leeg….

Wat willen jullie toch,
wat is jullie doel
Speel niet
met gevoelens
Speel niet
met zwakheid
Speel niet
met verdriet
Neem of geef
doe wat je wil
Maar doe iets
niet grillig
Maak een verschil
in jullie cirkel,
tussen oprecht
en onverschillig
Maak gebruik van
neem het op
of spuug het uit
Als het kan
zonder omweg,
zonder flauwekul
Reserves zijn opgebruikt,
energielevel is nul
leeg..

Leven..

Getekend door het leven,
ingekleurd door pijn
Beschadigd door ziekte,
schim van vroeger.
Toch besef je even,
ik leef nog, wat fijn!

Smeltwater…

Oud en nieuw verdriet,
mijn ziel verkillend
Licht schijnt door dat waas,
opwellend nu in nieuwe tranen
Onmacht meevoerend, verstillend,
in dat laatste smeltwater,
Hoop en toekomst wachten,
voor altijd mijn verdriet de baas..

Fleur Bloemen, einde van een boeket…

Onschuldig nieuw leven,
15 jaar terug ontstaan
Trotse ouders, feest, bloemen
Jij was dat wonder, gegeven
uit liefde, een fleurige naam
Een bloem van hoop,
bloem van de toekomst
boeket van plezier.
Leren lopen, je eerste fiets,
onbezorgde vrolijkheid, liefde,
het ontbrak je aan niets.
Naar school,
mooie toekomst tegemoet
Dan die kentering op slag,
je vrolijkheid verstomde
Aanhoudend zinloos belaagd
door gewetenlozen
Tot deze dag,
vandaag was genoeg, genoeg,
het stopte voor jou
Geestelijk kapot, uitgeput
heb jij gekozen
Je laatste keuze vandaag,
de laatste keuze van je leven
geven aan een aanstormende trein,
Misschien dacht je nog even,
terwijl je jouw laatste beslissing nam
Geen gepest, geen verdriet meer, geen pijn,
mijn bloem knakt vandaag, hier en nu,
gewoon niets meer,
in één klap over, een zwart gordijn…

Dag boeket, dag bloem, dag Fleur…

Dit gedicht is voorgedragen, voorafgaand aan de Stille tocht voor Fleur> Hieronder een videoverslag hiervan:

Ik verwijs u ook graag naar de blog van collega Nanko Kiel: ”als alleen de dood een vluchtweg biedt”

Arm..

Evenwichtig, kwetsbaar
rijk, behoeftig
eeuwig zoekend
naar goede tijden
beschaamd verlangen
koud of warm
nooit meer twijfel,
nooit meer eenzaam
alleen jouw arm…

Prille liefde

Ontwapenende lach,
flonkerende ogen
lippen van satijn
Vochtig gloeiend,
je dampend warme lichaam,
vol gratie vloeiend
Hartstocht, hees omfloerste stem,
hunkerend naar meer
kijk jij me aan en vraagt
wanneer zie ik jou weer?

Internet, mijn liefde voor altijd..

Dichtbij maar toch ver weg,
digitaal verlangen
Ongrijpbaar onaantastbaar,
alwetend en oprecht
Lijdend door terreur,
Lijdzaam toeziend,
zelf passief.
Konden wij maar eeuwig samen
zijn en blijven
Mijn angst voorbij voorgoed
Maar anderen azen op jouw aandacht
trekken creatief het mooiste van jou aan
wat overblijft voor mij zijn spaanders
wat mij nog rest een warme traan
Tot allemansvriend verworden,
iedereen terwille zijn,
ik alleen ben jou te min
Maar ik kan niet zonder jou,
je schoonheid, zo vol van binnen
Bron van verworven kennis,
van wijsheid en van kracht.
Als wij elkaar konden beminnen
dan had mijn leven zin…

Mantelzorg of liefde..

Stilletjes zit jij daar, starend in het niets
Je witte haren nu vergeeld, hoe kort lijkt het geleden
dat ik altijd alles mocht van jou
Met een knipoog mij een snoepje gaf, als je met me had gespeeld
Je liet me eten, liet me drinken, een aspirientje voor de koorts

Rollen zijn nu omgedraaid,
nu zit jij hier in die gewielde stalen stoel
Een slabbetje om je nek om niet te morsen,
plastic beker met een tuitje, zoals ik die vroeger had
Met bevende handen, natte ogen, wacht jij hier zonder doel.
Nu geef ik jou te eten, ik geef jou drinken,
jouw snoep bestaat uit pillen.
Stop ze met een knipoog, zachtjes in jouw mond
“Goed slikken”, fluister ik je zachtjes toe,
ik geef je nog een slokje water.
Langzaam kijk je zoekend op, je vindt mijn ogen,
een moment van herkenning, ik weet het want je lacht..
je ogen lijken moe.

Kus op je voorhoofd, streel je verweerde hand
Tot morgen lieverd, slaap lekker deze nacht..

Sneeuwvlok..

Sneeuwvlok eenzaam
Koel toch warm
Duidelijk, helder als kristal
Kwetsbaar, teder
Angstig op mijn raam
Langzaam tanend tranend
Gesmolten, voorbij
Blijf nog maar heel even
Witte vriend, klein wonder
Je bent zo mooi, zo heel bijzonder

Advertenties
%d bloggers liken dit: